Gezonde samenleving

2. Gezonde samenleving

In een gezonde samenleving telt iedereen mee, ieder individu binnen zijn/haar eigen positie en rol. Het gezin vormt daarin een belangrijke pijler. Het hoort de plaats te zijn waar kinderen veilig kunnen opgroeien en voorbereid worden op een zelfstandige positie in de maatschappij. Een verantwoordelijkheid die primair bij de ouders ligt, maar die niet losstaat van de andere verbanden en relaties in de maatschappij. De ChristenUnie wil zich inzetten voor een samenleving waarin deze verbanden, alsmede de positie van het gezin, bijdragen tot een leefbare maatschappij, waarin iedereen meedoet.

2.1 Samen zorgen

De ChristenUnie vindt het belangrijk dat er vanuit de overheid aandacht is voor de kwetsbaren in onze samenleving. De Bijbel geeft ons op diverse plaatsen aan dat christenen oog moeten hebben voor de zwakkere medemens in onze samenleving. De overheid dient een nadrukkelijke rol te blijven vervullen in de zorg voor onze “arme” burgers en voldoende bekendheid te geven aan de inkomensondersteunende maatregelen die er zijn om armoede te voorkomen. De gemeente Twenterand zou kunnen opteren voor het kindpakket, zoals de ombudsman deze heeft geadviseerd in juli 2013.

Decentralisaties

De komende jaren wordt een flink aantal taken van de rijksoverheid en provincie overgebracht (gedecentraliseerd) naar de gemeente: onderdelen van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten gaan naar de WMO, de jeugdzorg gaat van provincies naar gemeenten en met de Participatiewet komt o.a. de sociale werkvoorziening bij de gemeenten. Ook bij het passend onderwijs vindt een stelselwijziging plaats, waardoor gemeenten een grotere rol krijgen in de ondersteuning van leerlingen met extra zorgbehoeften. Deze ingezette decentralisaties en transities van allerlei vormen van zorg vereisen een zorgvuldige aanpak. Het gaat om operaties, die gepaard gaan met forse bezuinigingen. Het is belangrijk om de (financiële) effecten van de stapeling van decentralisaties goed in beeld te hebben én aandacht te houden voor de financiële positie van de burger. Ook het tempo waarin veranderingen worden doorgevoerd, vraagt monitoring.

Het is belangrijk om de decentralisaties in samenhang te zien. Vaak hebben mensen meerdere problemen. Des te meer een reden om maatwerk te leveren. Doel is dat iedereen naar vermogen kan meedoen in de samenleving. Daarbij zal de gemeente vooral een stimulerende en faciliterende rol spelen en een vangnet bieden voor hen die het zelf niet redden. De gemeente doet dus niet alles zelf, maar heeft wel de regie.

Decennia van individualisering hebben de sociale cohesie in heel veel dorpen en verbanden uitgehold. Bij WMO en jeugdzorg kan niet zomaar uitgegaan worden van de eigen kracht en/of zorgzaamheid van de buurt of de familie. Het vraagt om extra inspanning, extra opleiding en een andere houding van gemeenten en professionals. Er mag geen tweedeling ontstaan tussen mensen die wel en die niet kunnen meekomen. Toegang tot zaken als administratieve ondersteuning, onderwijs, jeugdzorg, schuldhulpverlening, voedselbank en rechtsbijstand moet voor een ieder die dat nodig heeft binnen bereik blijven.

De ChristenUnie wil dat burgers die ondersteuning krijgen kunnen kiezen voor een PGB (persoonsgebonden budget) om zelf ondersteuning te kunnen inkopen. Dit stelt burgers in staat eigen regie te voeren (bijvoorbeeld een vouchersysteem voor de inkoop van dagbesteding) en te kiezen voor zorgverlening vanuit een identiteit die bij hen past. 

Jeugd en gezin

De ChristenUnie wil zich inzetten voor het versterken van het sociale netwerk rond gezinnen. Wij vinden relaties waarin waarden en normen worden uitgewisseld belangrijk. Voor kwetsbare groepen of voor burgers in achterstandssituaties kan extra ondersteuning van de gemeente nodig zijn. 

De ChristenUnie ziet jongeren graag gezond opgroeien en zal initiatieven die gezond gedrag stimuleren steunen. De ChristenUnie realiseert zich dat niet iedere jongere op gelijke wijze van huis uit een stevige basis heeft meegekregen. De meeste jongeren hebben de behoefte om ergens bij te horen. Dat vraagt ruimte voor het ontdekken van hun eigen positie in de maatschappij. Daar waar ze die ruimte niet ervaren, zullen ze deze gaan zoeken, mogelijk door uitingen van gedrag die voor henzelf en voor de maatschappij niet wenselijk zijn. De ChristenUnie vindt het belangrijk dat er voor jongeren sociale structuur aanwezig is waarin zij kunnen groeien naar volwassenheid. Daar waar deze sociale structuur niet aanwezig is, zal de overheid zich moeten inspannen deze te creëren, zoveel mogelijk gebruikmakend van bestaande infrastructuren. 

WMO

Het voorzieningenpakket moet voldoende adequate voorzieningen voor gehandicapten en hulpbehoevende ouderen omvatten. Bij evaluatie van de uitvoering van deze wet moet er vooral aandacht zijn voor de ervaringen van gehandicapten en gebruikers zelf.

De ChristenUnie vindt het belangrijk dat een ondersteuningsvraag levensbreed wordt bekeken en dat daarbij ook de naaste omgeving van de hulpvrager in beeld wordt gebracht én betrokken wordt. Wij streven één toegangspunt voor welzijn, zorg, opvoedondersteuning en waar mogelijk ook werk en inkomen na. Ook bij de overheid streven wij een integrale benadering na in het sociale domein, zodat verschillende financieringsstromen kunnen worden samengevoegd en mensen niet bij verschillende loketten hoeven aan te kloppen voor financiële ondersteuning. 

De ChristenUnie wil de kracht van de samenleving benutten en deze versterken. Dat doet zij door zich in te zetten voor het ondersteunen van mantelzorgers en het versterken van informele (wijk)netwerken rondom de burgers. Belangrijk is dat vrijwilligers hierbij ondersteund worden door professionals en dat mantelzorgers voldoende steun ervaren in de uitvoering van hun taken. 

Zorg aan huis en dagbesteding

Steeds meer mensen met een zware zorgvraag moeten langer thuis blijven wonen. Dit vereist het geschikt maken van voldoende woningen voor ouderen en gehandicapten. Daarover moeten afspraken gemaakt worden met woningcorporaties, o.a. over investeringen op het gebied van domotica (huisautomatisering). De ChristenUnie vindt het belangrijk dat er daarbij aandacht is voor het houden van sociale contacten en het tegengaan van vereenzaming.

Mensen met een beperking moeten zoveel mogelijk onderdeel uit kunnen maken van  de samenleving. De ChristenUnie vindt dat voor hen, indien nodig, passende dagbesteding en persoonlijke ondersteuning en begeleiding aangeboden moet worden en zal de transformaties in de zorg op dit punt kritisch volgen.

Eigen bijdrage en hergebruik

Om de ondersteuning betaalbaar te houden, kan voor bepaalde voorzieningen een eigen bijdrage naar draagkracht gevraagd worden. In ieder geval een bijdrage ter hoogte van de kosten die normaliter zouden worden gemaakt voor bijv. een eigen fiets, nieuwe schoenen etc; in dergelijke gevallen alleen toekenning van een vergoeding voor de meerkosten. De ChristenUnie vindt dat een eigen bijdrage voor diensten die door of namens de gemeenten worden verricht, geen financiële belemmering mag vormen waardoor de zorg zou moeten afnemen, daarom een eigen bijdrage naar draagkracht. 

De ChristenUnie wil het hergebruik van hulpmiddelen stimuleren. Naast het financiële voordeel is dit ook belangrijk in het kader van duurzaamheid. Ook het delen van dure hulpmiddelen (bijvoorbeeld scootmobiel) is bespreekbaar. 

Jeugdgezondheidszorg

In het kader van preventief gezondheidsbeleid en het zo vroeg mogelijk signaleren van problemen is een goede en effectieve opzet van de jeugdgezondheidszorg van groot belang. Daarbij is het belangrijk dat consultatiebureaus en schoolartsen zich niet alleen richten op de fysieke gezondheid van de jeugd, maar ook de sociale omgeving van het kind of de jongere meenemen. De ChristenUnie vindt het daarom belangrijk dat de jeugdgezondheidszorg naadloos verbonden is met het Centrum voor Jeugd & Gezin. Daar waar hulp bij de opvoeding en/of extra ondersteuning nodig is, wordt allereerst bekeken in hoeverre de ‘eigen omgeving’ hierin een rol kan spelen. Ter voorkoming van gezondheidsproblemen en voor het welzijn van de jeugd is het sportbeleid dusdanig opgezet dat ieder kind binnen de gemeente de mogelijkheid heeft en gestimuleerd wordt om wekelijks te sporten. 

Bemoeizorg

De gemeentelijke gezondheidsdienst en de (GGZ)-instellingen die lokaal actief zijn, werken nauw samen op het gebied van een zorgaanbod aan mensen die de stap naar de reguliere hulpverlening niet kunnen of willen maken, de zogenaamde zorg-mijders. 

Gezondheidszorg is niet alleen op zorg gericht om te herstellen in geval van ziekte, het is ook het voorkomen van ziekte. Het gemeentebestuur moet daarom een goed preventief beleid voeren en goede voorlichting geven over een gezond leven.

Om de gezondheidsrisico's te beperken voert het gemeentebestuur een actief beleid ten aanzien van het voorkomen en verminderen van verslaving, zoals gokken en het gebruik van verslavende middelen als drugs, alcohol en tabak. Het gebruik van, en de handel in drugs vormen een bedreiging voor het welzijn van de burgers en moet worden bestreden. 

Om gokverslaving te voorkomen en tegen te gaan grijpt het gemeentebestuur de wettelijke mogelijkheid aan om kansspelautomaten en speelhallen te beperken. Het gemeentebestuur moet zich maximaal inspannen het aantal kansspelautomaten te verminderen, het liefst tot nul, in het bijzonder daar waar het gaat om laagdrempelige gelegenheden (snackbars e.d.). Naast terugdringen van het aantal automaten verstrekt de gemeente via de scholen adequate voorlichting. 

Jeugdzorg

In de komende periode worden taken op het gebied van jeugdzorg van de provincie overgeheveld naar de gemeente. Deze decentralisatie gaat gepaard met een forse bezuiniging op het oorspronkelijke budget.

Er bestaat een gevaar dat de transitie zich vooral zal richten op het verschuiven van bestuurlijke verantwoordelijkheid, maar het moet om de inhoud gaan. De zorg moet dichter bij het kind/jongere en in betere samenhang met zijn/haar omgeving worden geregeld en uithuisplaatsingen moeten zoveel mogelijk worden voorkomen

De continuïteit van deze zorg moet gewaarborgd blijven, maar het aanbod mag vernieuwd en verbeterd worden, zodat het mogelijk meer aansluit bij de lokale behoeften.

Niet alle taken die naar de gemeente toekomen, kunnen lokaal worden georganiseerd. Dat betekent dat gemeenten ook op regionaal en voor bepaalde zaken op landelijk niveau afspraken met elkaar zullen moeten maken. De ChristenUnie wil erop toezien dat identiteitsgebonden jeugdzorg ook deel uitmaakt van het pallet van aanbieders waaruit gekozen kan worden.

Om een samenhangende en integrale visie op de preventie van problemen en het begeleiden van kinderen en jongeren naar zorg, hulpverlening en werk te garanderen, wordt de decentralisatie van de jeugdzorg gekoppeld aan de andere taken die vanuit het Rijk naar de gemeenten worden overgeheveld: de decentralisatie van de AWBZ en de Participatiewet. Dit biedt volgens ons de kans de jeugdzorg op een soepele manier te laten overgaan in volwassenenzorg.

Centrum Jeugd en Gezin

Het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG), dat een belangrijke rol speelt in de jeugdzorg, zal zich verder moeten ontwikkelen naar een netwerkorganisatie binnen het te realiseren gemeentelijke jeugdbeleid. Dat betekent dat naast de reeds bestaande taken als het signaleren van problemen bij kinderen en gezinnen, het geven van advies en voorlichting, het centrum ook de taak krijgt om tijdig door te verwijzen naar de juiste hulpverlening. Dat vraagt van het centrum een strakke aansturing onder regie van de gemeente, waarbij generalisten zoveel mogelijk de nodige zorg bieden en indien nodig, tijdig doorverwijzen naar de juiste tweedelijns zorg.

Wij willen dat het CJG laagdrempelig en klantvriendelijk is. Wij denken dat hier de professionaliteit kan worden vergroot door een samenwerking van de gemeente met verschillende betrokken instanties, o.a. op het gebied van goede doorverwijzing.

De ChristenUnie staat voor:

  • dat de gemeente concrete plannen maakt tegen vereenzaming van ouderen, langdurig werklozen, minima en andere risicogroepen.
  • de gemeente investeert in de realisatie van een gemeentelijke gezondheidsdienst (op niveau van het samenwerkingsverband van de vier gemeenten). Voor een succesvolle transitie in de zorg.
    De gezondheidsdienst zorgt voor:
    • indicatiestelling met ondersteuning CIZ-deskundigheid en Bureau jeugdzorg
    • regievoering van zorgtoekenning door zorgprofessionals (mensgericht) met gevoel voor ‘cijfers’.
    • Voorkoming van verdringing van werk naar vrijwilligerswerk 
    • één eigen laagdrempelig loket voor zoveel mogelijk vormen van zorg binnen de gemeente;
    • Beleid en ondersteuning voor mantelzorgers;
    • Investering van de gemeente in contacten en samenwerking met kerken en andere samenlevingsverbanden;
    • Effectieve gebruikmaking van de oren en ogen, kennis en kunde van professionals voor het signaleren van ondersteuningsbehoeften;
    • Samenwerking door de gemeente   met woningcorporaties om voldoende woningen geschikt te maken voor het zo lang mogelijk thuis wonen van ouderen en gehandicapten en deze voorzieningen tijdig op te kunnen leveren;
    • Onderzoek door de gemeente naar de mogelijkheden voor hergebruik en delen van (dure) hulpmiddelen;
    • Het terugdringen van alcoholgebruik in sportkantines en andere gelegenheden. 

2.2 Werk en inkomen

Waar staat de ChristenUnie voor?

Ons uitgangspunt is dat ieder mens de verantwoordelijkheid heeft om in zijn/haar eigen levensonderhoud te voorzien. Soms lukt dat (tijdelijk) niet. Wij vinden dat niemand aan zijn/haar lot mag worden overgelaten. Zowel van overheid als samenleving wordt extra zorg en aandacht gevraagd voor de (tijdelijk) kwetsbare burgers. Juist de gemeente heeft in samenwerking met provincie en landelijke overheid een taak als het gaat om het bevorderen van de lokale en regionale werkgelegenheid.

Er zijn veel mensen die graag iets voor de maatschappij willen betekenen en graag iets willen doen, het liefst in hun directe woonomgeving. Toch lukt het moeilijk vraag en aanbod bij elkaar te brengen. De ChristenUnie ziet meedoen als een kans en een uitdaging. Meedoen moet gestimuleerd worden en waar mogelijk worden beloond. Het beleid moet erop worden gericht zoveel mogelijk mensen in staat te stellen zich te kunnen inzetten voor de samenleving. 

Het is daarom nodig dat de gemeente en maatschappelijke partners samen de behoefte inventariseren en afspreken hoe vraag en aanbod bij elkaar kunnen worden gebracht.

Inzet van mensen in het kader van maatschappelijke activering (=inzet / dienstbetoon) kan daarbij een eerste instrument zijn.

De ChristenUnie zet zich in voor een samenleving waarin …

  • Iedereen kan meedoen op een manier die zo goed mogelijk aansluit bij zijn/haar talenten.
  • Het voor gemeenten, bedrijven en andere organisaties en instellingen vanzelfsprekend is dat ook mensen met beperkingen de mogelijkheid wordt geboden om hun talenten in te zetten en die dit ook laten zien door deze mensen in dienst te nemen, bijvoorbeeld door hen een leer-werkstage aan te bieden. 
  • Mensen die geen kans hebben op regulier werk toch kunnen meedoen, bijvoorbeeld als vrijwilligers.
  • Vrijwilligerswerk een belangrijke plaats inneemt.

De ChristenUnie wil investeren in een samenleving die gebaseerd is op ‘vertrouwen'; in een samenleving waarin mensen worden gestimuleerd, uitgedaagd en beloond, en fraudeurs worden aangepakt.

Waar gaat de ChristenUnie voor?

Bij bezuinigingen kiest de ChristenUnie in eerste instantie niet voor het verminderen of bemoeilijken van het gebruik van voorzieningen, maar voor het samen met de maatschappelijke partners onderzoeken of de bezuiniging kan worden bereikt door een andere verdeling van verantwoordelijkheden, taken en middelen tussen de gemeente en de maatschappelijke partners. Zo kunnen bij schuldhulpverlening bepaalde taken in de voorbereiding of de nazorg worden uitgevoerd door (vrijwilligers van) maatschappelijke partners, zodat de professionals die werkzaam zijn binnen de gemeentelijke schuldhulpverlening zich kunnen richten op de meer ingewikkelde taken en onderwerpen.

De ChristenUnie wil idealiter een samenleving waarin voedselbanken niet nodig zijn. Voedselbanken zijn er en hebben het druk. Wij willen ervoor zorgen dat deze vrijwilligers hun werk goed kunnen doen. Daar willen wij ze bij steunen, financieel en/of in natura (bijvoorbeeld door het beschikbaar stellen van een locatie of een vervoermiddel).

Wij vinden dat voor het verkrijgen van een uitkering een tegenprestatie gevraagd mag worden. De gemeente mag een beroep doen op de inzet van degenen die een uitkering ontvangen. Zij kan activiteiten aanwijzen/aanbieden als leer- en/of werkervaringsplaats of als mogelijkheid voor maatschappelijke activering, zoals bijvoorbeeld groenonderhoud van sportparken, verzamelen van zwerfvuil, ondersteuning in de verzorging van bewoners van verzorgingshuizen of schoonmaakwerk in wijk- of buurtcentra. Wel moet hierbij zoveel mogelijk worden voorkomen dat dit ten koste gaat van reguliere arbeidsplaatsen. Het moeten aanvullende taken zijn. Mensen moeten daarbij wel keuzemogelijkheden hebben en ook zelf met voorstellen kunnen komen.

ZZP-ers / lokale bedrijven

De ChristenUnie wil nadrukkelijk oog hebben voor de positie van ZZP-ers (Zelfstandigen Zonder Personeel) en het lokale bedrijfsleven. Veel mensen werken tegenwoordig zonder in loondienst te zijn. Ook binnen de overheid moet men meer en meer rekening houden met vraagstukken die hiermee samenhangen. Hierbij denken wij aan invulling van aanbestedingscontracten, mogelijkheden binnen bestemmingsplannen, eisen omtrent uitkeringen en aanvullingen hierop door eigen arbeid. De ChristenUnie wil stimuleren dat lokale bedrijven en ZZP-ers actief worden betrokken bij eventueel door de gemeente uit te geven opdrachten. 

Re-integratie

Het is niet belangrijk wat iemand niet kan, maar waar is iemand wel toe in staat. Belangrijk zijn de individuele kwaliteiten en talenten waar ieder mens over beschikt. Deze mogen wat de ChristenUnie betreft niet onbenut blijven, omdat mensen daarmee tot bloei kunnen komen. De WMO biedt mensen mogelijkheden om weer actief te worden. De gemeente werkt hieraan mee en verleent daartoe o.a. zoveel mogelijk re-integratiemogelijkheden op alle niveaus. Hiertoe moet de gemeente vooral de samenwerking zoeken met reguliere werkgevers. En voor mensen die dit niet kunnen voldoende mogelijkheden bieden om dagbesteding of werk te doen met behulp van ondersteuning.

De gemeente zet zich bij voorkeur in voor rendementsverbetering in de sociale werkvoorziening, zonder dat dit ten koste gaat van de sociale doelstelling. Tevens is het belangrijk dat de gemeente voorzieningen treft voor mensen die eenvoudig, zelfstandig werk aankunnen in eenvoudige arbeidsprojecten. 

De ChristenUnie staat voor:

  • Het stimuleren van bedrijven en organisaties om meer mensen met een (grote) afstand tot de arbeidsmarkt in dienst te nemen. De gemeente moet daarin zelf het goede voorbeeld geven.
  • Het uitdagen van bedrijven en organisaties om de verantwoordelijkheid te nemen voor re-integratietrajecten. Daarbij moet wel bewaakt worden dat de trajecten een aantoonbaar positief effect hebben op (de kansen van) plaatsing in een functie op de arbeidsmarkt.
  • Het krachtig bestrijden van misbruik van re-integratiesubsidies 
  • Het zo vroeg mogelijk signaleren en adequaat aanpakken van probleemsituaties om escalatie te voorkomen. Dit vereist een intensieve samenwerking met en tussen alle beleidsvelden en instanties waar de problemen spelen en /of bekend zijn (de zogenaamde ‘vindplaatsen’). Uitgangspunt daarbij is ‘Eén plan, één coach en één budget’.
  • inzet van ‘schuldhulpmaatjes’ ter voorkoming van een beroep op uitvoeringsregels van Wet Gemeentelijke Schuldhulpverlening en de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen;
  • samenwerking met kerken en andere instellingen om armoede op te sporen en te bestrijden; 
  • nadere uitwerking van het drugs- en alcoholbeleid – met name gericht op preventie; 
  • Het voorkomen van overgang van armoede van ouders op kinderen. Daarom is extra aandacht nodig voor (gezinnen met) kinderen die langdurig een uitkering ontvangen. Het mag niet zo zijn dat kinderen daardoor hun talenten niet kunnen ontwikkelen of zich niet kunnen ontspannen.
  • Inschakelen van de ‘eigen kracht’ van betrokkene(n) en zijn/haar directe omgeving. 
  • Een Armoedepact van de gemeente met alle vindplaatsen: woningcorporaties, voedselbank, hulpverleningsorganisaties, zorginstellingen, jeugdzorg, onderwijs, etc.
  • Het financieel ondersteunen van waardevolle initiatieven van diaconieën en andere vrijwillige organisaties via cofinanciering. Veel nuttige initiatieven zoals b.v. Schuldhulpmaatjes zijn dan mogelijk.
  • Het beleid maken door de gemeente, voor een bedrijf aan huis, o.a. in bestemmingsplannen. 
  • het actief bevorderen van deelname aan het arbeidsproces en zo mogelijk het verdienen van een deel van het eigen inkomen, waarbij rekening wordt gehouden met de zorg voor de kinderen. Ook vrijwilligerswerk en het uitoefenen van de zorgtaak thuis, mogen wat ons betreft, onder voorwaarden, als werk worden gewaardeerd.
  • Alleen een keuze voor activering met behulp van subsidie als het niet anders kan. We hebben een voorkeur voor alle soorten werk op alle niveau. Onbetaalde arbeid en vrijwilligerswerk zijn de smeerolie van de samenleving, maar mogen reguliere banen niet ´weg-subsidiëren’. 

2.3 Onderwijs

De gemeente voert een op overeenstemming gericht overleg met het hele onderwijsveld, vooral ten aanzien van taken als: achterstandsbeleid, schoolbegeleiding en huisvesting. 

Ouders die de opdracht willen vervullen om hun kinderen in overeenstemming met hun achtergrond te onderwijzen en te laten onderwijzen, moeten daartoe voldoende in de gelegenheid worden gesteld. Voor de ChristenUnie is hierbij de ruimte voor onderwijs vanuit een christelijke achtergrond essentieel. 

Aangezien de bestrijding van onderwijsachterstanden, voortijdige schoolverlating, huisvesting en financiële problemen zowel het basisonderwijs als ook het voortgezet onderwijs raken, moeten alle bestaande onderwijsvormen aan dit overleg deel te nemen. 

Versterken van de eigen kracht

De ChristenUnie vindt het belangrijk dat ouders zoveel mogelijk worden gestimuleerd om op eigen benen te (blijven) staan. Wij staan ervoor dat, in voorkomende gevallen, eerst een plan van aanpak wordt opgesteld. Dit met behulp van het sociale netwerk, waarbij de eigen kracht van het gezin zoveel mogelijk wordt versterkt. Dat vraagt van de professional een coachende houding. In één gezin dat hulp nodig heeft, wordt gewerkt met één plan en is één hulpverlener eerste aanspreekpunt en verantwoordelijk voor de zorg- en welzijnscoördinatie. 

Waar nodig wordt een ‘eigen kracht bijeenkomst’ ingezet om een hulpvrager/gezin te ondersteunen bij het hervinden van zijn eigen kracht en het versterken van het netwerk.

Verbinding met onderwijs

Kinderen en jongeren zijn een groot deel van de week op school aanwezig. De school vormt daarom informeel, maar ook formeel een belangrijke schakel tussen de ouders, de jongere en zorgaanbieders.

De ChristenUnie vindt het belangrijk dat de gemeente niet alleen zorg draagt voor het weghalen van schotten en drempels tussen de verschillende vormen van zorg en/of zorgaanbieders, maar ook voor een goede samenwerking tussen onderwijs en jeugdzorg. Wij hanteren als regel: één kind/gezin = één plan/regisseur.

De ChristenUnie staat voor:

  • opvoedingsondersteuning voor jonge ouders en ouders met pubers door middel van informatie-avonden/middagen of cursus;
  • het zo mogelijk deelnemen van de coördinator van Centrum Jeugd en Gezin samen met de straathoekwerker aan het zorgoverleg van de school c.q. het nemen van initiatief voor overleg;
  • het blijven inzetten op straathoekwerkers om tijdig te kunnen ingrijpen bij ontsporing; 
  • de waarborging van de identiteit van bijzondere scholen; 
  • een integraal beleid op het gebied van welzijn (club- en buurthuiswerk, cultureel werk), integratie, jeugdzorg, veiligheid en sport, in relatie tot de brede buurtschool (inventarisatie van onderwijsinfrastructuur in samenhang met buurtcentra, peuterspeelzalen, e.d.);  particulier initiatief is welkom mits in goed overleg met gemeente en onderwijs- en welzijnsinstellingen, vooral met het oog op gebouwenplanning;
  • het aanpakken van (semi)analfabetisme; ondersteunen van het aanvalsplan “laaggeletterdheid” 

2.4 Cultuur, sport en recreatie

Cultuur

Kunstzinnige vaardigheden behoren tot de gaven die God aan mensen geeft. Kunst en cultuur worden door de ChristenUnie ervaren als een belangrijke basisbehoefte voor ieder mens. Het deelnemen aan activiteiten op gebied van kunst en cultuur zal dan ook zoveel mogelijk worden gestimuleerd. Kunst- en cultuureducatie is belangrijk voor de ontplooiing van de jongeren. Binnen de beperkte budgettaire mogelijkheden zal getracht worden mogelijkheden te scheppen om hieraan deel te nemen op individueel niveau. Aan kunst- en cultuurinstellingen die gesubsidieerd worden vanuit de gemeente zullen strikte eisen worden gesteld aan het bieden van mogelijkheden tot participatie van jongeren. Kunst en cultuur verdienen een grote uitingsvrijheid, maar de ChristenUnie is tegen uitingsvormen die godslasterlijk of discriminerend zijn. Onder deze beperkende voorwaarden kan de gemeente cultuur stimuleren door stimuleringspremies te verlenen, denk aan de facilitering van een Stichting Leergeld. 

Sport en recreatie

Sportbeoefening is een individuele- of verenigingsverantwoordelijkheid. Wel schept het gemeentebestuur de voorwaarden voor de totstandkoming en instandhouding van recreatieve sportvoorzieningen. Zij overlegt daartoe met de lokale sportverenigingen. Voor sportaccommodaties wordt gestreefd naar een kostendekkende exploitatie. De eigen verenigingsverantwoordelijkheid (redelijke contributies en huurtarieven, voldoende zelfwerkzaamheid) staat voorop. Waar nodig verdient de instandhouding van sportaccommodaties gemeentelijke steun.

Recreatie

De gemeente Twenterand is een prachtige gemeente als het gaat om het recreëren. Twenterand heeft namelijk alle ingrediënten in huis zoals bos, hei, waterplassen, zwembaden, musea en niet te vergeten het kanaal. Kortom genoeg om toerisme sterk te bevorderen. Daarom blijft het belangrijk om met de plaatselijke VVV en andere organisaties toerisme en recreatie te bevorderen. Specifieke aandacht gaat uit naar Den Ham en omstreken. Daarnaast zijn gebieden zoals de Zandstuve en de Engbertsdijkvenen ideaal en uniek binnen onze gemeente. Het recreatietoerisme op het Overijssels kanaal kan bevorderd worden door aanlegplekken te voorzien van toeristische en andere informatie en vooral ook van een sanitaire ruimte. 

De ChristenUnie staat voor:

  • Samenwerking tussen sportclubs van verschillende sporten, om zo een afwisselend aanbod te creëren en meer faciliteiten te bieden, maar ook het samen gebruiken van locaties;
  • Het ondersteunen van verenigingen die bepaalde doelgroepen (bijvoorbeeld: ouderen, gehandicapten en allochtone vrouwen) stimuleren om aan sportieve activiteiten mee te doen; 
  • Het bevorderen van multifunctionele sportcomplexen die de relatie tussen sportverenigingen, wijkbewoners en scholen verbeteren; 
  • Het stimuleren van zelfbeheer/privatisering van sportverenigingen.  
  • Het stimuleren van uitleenpunten voor sport en spel.
  • Ondersteuning en stimulering van het bedrijfsleven bij het realiseren van recreatieve- en toeristische voorzieningen; 
  • het beschikbaar stellen van openbare gebouwen zoals bibliotheken of andere leegstaande gebouwen, voor kunstenaars uit de eigen gemeente die vallen onder de zogenaamde WIK regeling.